Het vak ‘Vaardig communiceren en professioneel’ gedrag binnen Technisch Geneeskunde

Informatie
Auteurs
Carola Engbers
Karlijn Geelkerken
Organisatie
Universiteit Twente
Congres
Toekomstbestendig onderwijs: op naar een duurzame planeet - Congres 2026
Context / probleemstelling of aanleiding

Context/probleemstelling of aanleiding:
Binnen de opleiding Technische Geneeskunde (TG) wordt van studenten verwacht dat zij zich professioneel en effectief verhouden tot patiënten en collega’s, binnen en buiten de eigen discipline. Het VCPG-programma (Vaardig Communiceren en Professioneel gedrag) ondersteunt deze ontwikkeling door onderwijs in professionele communicatie, consultvoering en professioneel handelen. Studenten leren consulten voeren vanuit het TG-perspectief, emoties te herkennen en hierop adequaat te reageren. Ook ontwikkelen zij vaardigheden in beleid uitleggen en regie nemen in samenwerking. De bacheloropbouw bestaat uit: contact maken, het basisconsult en complexe consulten. Reflectie op eigen handelen en persoonlijke ontwikkeling staat centraal, zodat studenten hun leerproces zelfsturend vormgeven. Dit abstract beschrijft de inhoud, opbouw en bijdrage van VCPG aan de vorming van de TG’er.
Beschrijving van de interventie/innovatie:
In VCPG-1 staat het eerste contact met de patiënt centraal: hoe kom je over, hoe leg je contact, hoe laat je de patiënt zijn verhaal doen en hoe ervaar je de rol van patiënt zelf. Studenten leren basisvaardigheden in communicatie en samenwerking. Reflectie richt zich op observaties zonder interpretatie.
In het tweede jaar leren studenten een volledig consult voeren met anamnese, lichamelijk onderzoek en beleid. Er is aandacht voor informed consent en het verantwoord omgaan met patiëntgegevens. Omdat TG’ers altijd samenwerken met specialisten, ligt de focus ook op gestructureerd en relevant overdragen van informatie.
In jaar 3 volgen complexere consulten: emotioneel beladen gesprekken, boze patiënten, slecht-nieuwsgesprekken en patiënten met beperkte gezondheidsvaardigheden. Ook schriftelijke verantwoording en overdracht komen aan bod.
<b>Onderwijsvormen</b>
<b>Werkgroepen:</b> kleine groepen met (begeleid) ervaringsgericht leren.
<b>Hoorcolleges:</b> kennisclips en live colleges.
<b>Zelfstudie:</b> opdrachten en online casuïstiek.
<b>Simulatieonderwijs:</b> realistisch oefenen met simulatiepatiënten in spreekkamers.
<b>Toetsing</b>
Elk jaar wordt afgesloten met een individueel assessment: een consult met simulatiepatiënt en een schriftelijke reflectie, beoordeeld door een docent.
Ervaringen/analyse van de implementatie:
Studenten waarderen de duidelijke opbouw, praktische focus en realistische simulatie. Na jaar 3 zijn zij klaar voor de masterfase. Het onderwijs vraagt echter veel inzet van docenten en simulatiepatiënten, wat goede afstemming vereist.
Lessons learned (implicaties voor de praktijk):
Groepswisselingen voorkomen verschillen en waarborgen gelijke kansen.
Persoonlijk contact en een veilige setting zijn essentieel.
Het onderwijs kan emotioneel confronterend zijn.
Simulatieonderwijs vraagt training en tijd.
Multidisciplinaire samenwerking versterkt het leerproces.
Er is een opbouw in complexiteit, feedback en zelfreflectie; docentcontact neemt geleidelijk af.
<b>Discussiepunten</b>
Leren studenten echte vaardigheden of alleen voor het assessment?
Toetsing is een momentopname.
De verplichte omvang past niet bij ieders leerbehoefte.
VCPG-3 weerspiegelt geen gemiddeld consult en kán belemmerend werken.
<b>Conclusie</b>
Communicatieonderwijs vraagt om een veilige, flexibele en persoonlijke opzet, met balans tussen standaardisering, maatwerk en emotionele belasting.
Referenties (max. 2):

Banner
Banner
Banner

‘Zie de mens’ – ontmoet, leer en inspireer tijdens het NVMO Congres 2027 in Groningen.

19, 20 en 21 mei in Martiniplaza Groningen